Rans & Flagel: Drie Oorlogstaferelen/ Trois Tableaux de Guerre/ Three Scenes of WarPaul Rans werkte enkele jaren geleden samen met de Franse zanger en draailierspeler Claude Flagel in het project De la Seine à l'Escaut / Van Antwerpen tot Parijs. De cd leverde hen o.a. een CHOC! du Monde de la Musique op. In deze ontmoeting tussen Germaanse en Latijnse culturen werden traditionele liederen uit Vlaanderen en Frankrijk thematisch en muzikaal met elkaar geconfronteerd.
In hun nieuwste programma brengen Paul Rans & Claude Flagel liederen over oorlog en vrede in de Lage Landen en Noord-Frankrijk. Liedjes die laten horen hoe Vlaanderen het favoriete slagveld is geweest van de grote landen.
De liederen - dikwijls heel ontroerend, maar soms ook vol humor - dateren uit de geuzentijd (16de-17de eeuw), de oorlogen van Lodewijk XIV tegen de Engelsen (begin 18de eeuw) en WO I.
Gestimuleerd door Piet Chielens, directeur van het Ieperse Flanders Fields Museum, voegen Rans & Flagel zich hiermee bij de lange reeks Vredesconcerten in de Westhoek. Tot nog toe waren al die concerten verbonden met de Eerste Wereldoorlog, maar dit programma gaat verder terug in de tijd en laat horen dat Vlaanderen altijd al het favoriete slagveld geweest is van de grotere landen.
Concerten
17 jan Brussel - Paleis voor Schone Kunsten: ‘Klara in het Paleis’
23 jan Bornem - CC ter Dilft (cd-voorstelling)
Artiest: Rans & Flagel
titel: Drie Oorlogstaferelen/Trois Tableaux de Guerre
label: Fréa Records
artikelnummer: MWCD 4061
Citaat uit het cd-boekje (uit de Inleiding door Piet Chielens, coördinator In Flanders Fields Museum in Ieper)
Op 16 juli 1530 stierf op de Ravelsberg, langs de oude heerweg tussen Nieuwkerke (B) en Bailleul (F), in de Westhoek van Vlaanderen, de wederdoper en liedjeszanger Willem Cousture onder het zwaard van de Inquisitie. Hij is niet de enige die voor de inhoud van zijn liedjes met het leven heeft betaald, maar wel de eerste die wij in dit deel van de wereld kennen. 30 jaar later werd zijn lied in Antwerpen gezongen, door een publiek dat de wederdoper als held en martelaar eerde.
Liederen, zelfs verbonden aan een éénduidig historisch gegeven, hebben de kracht om het complexe van samenleven uit te drukken. Ze werden (en worden) gemaakt om gemoederen te wekken, als informatieverstrekker zowel als propagandamiddel, ze werden (en worden) gezongen om moed te schenken of troost te geven - de troost van schoonheid; om te spotten en te pronken, om gedachten te verstrooien of om krachten te verenigen, om samen iets te realiseren - op herkenbaar ritme, of om zich als individu te onderscheiden - in dissonantie/dissidentie. Elk lied dat wordt gezongen doet meestal verschillende van die dingen tegelijk.
In die zin tonen liedjes ook altijd de achterkant van de geschiedenis. In de Westhoek van Vlaanderen waar geschiedenis zeer gemakkelijk de vorm van oorlog aanneemt, omdat die oorlogen - en niet enkel de Grote - er nog zeer aanwijsbaar zijn in het landschap, s het daarom goed om liederen van oorlog te kennen.
Ze voorkomen dat we ons zouden blindstaren op loutere veldslagengeschiedenis, waarbij het verleden versmalt tot gewapende strijd om macht; en waarbij het geheugen van de wereld wordt herleid tot een successie van machthebbers en hun geleverde veldslagen, en wat voor technische huzarenstukjes daar dan telkens bij horen.
Liedjes zijn spiegels van de ziel, muziek de hartslag van het verlangen. In de stem van de zanger klinkt rechtstreeks de emotie van toen het lied voor het eerst werd gezongen, ook al scheiden honderden jaren beide ogenblikken. Muziek verslijt niet, als je de vertolkers ebt die haar telkens weer nieuw leven willen geven. Dat doet het Ensemble Rans & Flagel. Dank zij hen zijn we in staat om te luisteren naar drie periodes toen dit land weer eens strijdtoneel van Europese krachtmetingen was.
Te beginnen bij de Geuzentijd. 36 jaar na Willem Cousture en ontelbare andere processen van de Inquisitie, zou het volk uit de zuidwesthoek van de Nederlanden moe getergd opstaan. ‹Slaat op den trommele› zong het, om zichzelf moed te geven, en gebruik makend van de trom waarvan elk leger zich
bedient. Maar het zou niet baten, toch niet voor dit deel van de Nederlanden. Tegen de tijd dat de liedjes van de opstand te boek konden worden gesteld, als deftige dragers van nationale identiteit – in het noorden, in Holland – was het Zuiden al weer Spanjes prooi: verarmd, verwoest, ontdaan van het actiefste deel van zijn bevolking, na bijna een halve eeuw oorlog. ‹Tel parle de la guerre, qui ne sait pas que c’est...› - ‹Wie zegt dat ie van de oorlog houdt, weet niet wat de oorlog is. Maar ik zeg u, mijn beste, de oorlog is een eelijwekkende gebeurtenis.› Dat wisten ze hier toen al... meer dan 500 jaar geleden.
Paul Rans
Paul Rans (zang, luit) nam verscheidene platen op met de groep Rum tijdens de jaren zeventig, gevolgd door een lp met luitspeler Lieven Misschaert, Die Nachtegael int Wilde. Hij werkte mee aan verschillende BRT-producties zoals de Islandsuite, Vive le Geus en De Liedboeken en bracht ook een solo-cd uit, Blame not my lute.
Gedurende elf jaar woonde hij in Engeland, waar hij zich buiten de muziek toelegde op luitbouw. Terug in België stichtte hij het Paul Rans Ensemble, nu RANS.
De drie eerste cd's met kerstliederen, liederen uit het Gruuthuse Hs. en het Antwerps Liedboek brachten heel wat primeurs op cd en werden enthousiast onthaald. De vierde cd ‘Rans & Flagel: Van Antwerpen tot Parijs/ De la Seine à l'Escaut’ kreeg in juli 2002 een CHOC! van het Franse tijdschrift Le Monde de la Musique. Naast zijn activiteiten met RANS is hij soms ook te horen in samenwerking met bv. de Camerata Trajectina, of in hedendaagse combinaties met Wouter Vandenabeele, met Gerry De Mol en Didier François of Ambrozijn met wie hij
in 2003 een cd uitbracht, De Hertog van Brunswyck.
Van1985 tot 2005 presenteerde Paul Rans het Engelstalig programma Music from Flanders op RVI en van 1993 tot februari 2009 was hij ook producer/presentator wereldmuziek bij Radio 3, nu KLARA.
In 2005 kwamen de eerste leden van Rum weer samen in Thalassa! Thalassa! in een samenwerking met Laïs. Na het betreurde overlijden van Dirk Van Esbroeck volgde in 2008-09 een nieuw project voor Paul Rans samen met Wiet Van de Leest, Marc Hauman en vele anderen in Reiziger, een programma waarin o.a. de geest van Dirk Van Esbroeck terug te vinden is.
Kerstmis 2008 bracht 'Carols en Kerstliederen', een Vlaams-Britse samenwerking tussen Rans & Coope, Boyes & Simpson met Fi Fraser, Jo Freya & Georgina Boyes. In deze ontmoeting tussen Vlaamse en Britse culturen krijgen Vlaamse kerstliedjes een Engels tintje en Engelse ‘carols' een Vlaams aureool.
En in januari 2009 Drie oorlogstaferelen / Trois tableaux de guerre / Three Scenes of War (Fréa Records, MWCD 4061).
Claude Flagel
Claude Flagel (zang, draailier, percussie) werd geboren in Parijs, maar woont sinds 1954 in Brussel. Zijn veldwerk, gecombineerd met archiefonderzoek, resulteerde in een uitgebreid en origineel repertoire dat zich uitstrekt van volksliederen tot Franse barok. Zo heeft hij zowel samengewerkt met Wannes Van de Velde als met de gebroeders Kuijken en was hij te horen met het Ensemble Faux-Bourdon, La Grande Ecurie et la Chambre du Roy en Stradivaria.
Daarnaast schreef hij uitgebreid over volksliederen en de draailier in wetenschappelijke tijdschriften en creëerde hij de afdeling traditionele muziek aan het Conservatoire National de musique de Châteauroux. Hij leidt ook het cd-label Fonti Musicali dat gespecialiseerd is in dansonderzoek, traditionele en etnische – vooral Afrikaanse - muziek, vooral Afrikaanse muziek. Hij was ook de drijfkracht achter het multiculturele project Anye Ben Kafö (2003) met Momo Wandel, Pierre Vaiana en Mamady Keita.
Olle Geris
Olle Geris (zang, doedelzak) was van kindsbeen in de traditionele muziek gedompeld. Zij studeerde fluit aan de muziekacademie, maar de doedelzak is uiteindelijk haar passie geworden. In Brussel leerde zij doedelzak en barokmusette spelen bij Jean-Pierre Van Hees en op het concours van St. Chartier behaalde zij een eerste prijs.
Daarnaast ging zij drie jaar in de leer bij de Waalse doedelzakbouwer Remy Dubois, werd zijn medewerkster en heeft nu zelf een lange wachtlijst met bestellingen. Een beurs van de Stichting Roeping liet haar toe een studie te maken over doedelzaktypes in België en hun link met Franse modellen en zo behoudt zij een mooi evenwicht tussen onderzoek, bouwen en spelen.
De laatste jaren heeft zij zich ook ontpopt als een indrukwekkende zangeres wier heldere en pakkende stem het publiek altijd stil krijgt.
An Van Laethem
An Van Laethem (vedel, barokviool, zang) studeerde aan het Lemmensinstituut in Leuven en aan de Kon. Conservatoria van Den Haag en Brussel. Zij is zowel thuis in de wereld van traditionele muziek als in de oude muziek. Zo speelt zij vedel, rebec en renaissanceviool bij het Huelgasensemble van Paul van Nevel. Zij treedt ook regelmatig aan bij Zefiro Torna o.l.v.Jurgen Debruyn, Oltremontano o.l.v. Wim Becu en La petite Bande o.l.v. Sigiswald Kuijken.
Daarnaast was zij al te horen - ook als zangeres - in de Rozenlandproductie van het Brabants Volksorkest o.l.v. Hubert Boone, bij het Jean-Pierre Van Heeskwartet en bij ‘Rans'. Samen met Piet Stryckers en Johan van Aken is zij lid van het strijktrio De Meijt op Solder.
Philippe Malfeyt
Philippe Malfeyt (luit, hakkebord, theorbe, cister, viola da mano, colascione, barokgitaar, gitaar …) is, wat de luit betreft, voor het grootste deel autodidact. Hij vervolmaakte zich door cursussen in het buitenland en behaalde een diploma in ‘Performance' aan het Londense Royal College of Music. Hij doceert nu aan de Kon. Conservatoria van Gent en Brussel en aan het Lemmensinstituut in Leuven.
Hij is een aanstekelijk ‘performer' en zeer actief als uitvoerend musicus: solist, continuospeler en lid van verscheidene oude-muziekensembles, waaronder Il Fondamento, La Pastorella en I Justiniani. Hij is ook stichter en bezieler van Romanesque dat reeds hoge lof toegezwaaid kreeg voor zijn opnamen op het Ricercar label, o.a. een ‘CHOC! Du Monde de la Musique' voor de laatste cd van Romanesque met werk van Alexander Utendal. Als solist nam hij 2 cd's op gewijd aan broken consorts met het ensemble 'La Caccia'. Hij speelt ook graag middeleeuwse muziek met o.a. Rans, Dousmal en het Franse Millenarium.
Met Abid El Bahri en Xia Hua vormt hij het trio Luthomania waarin de Arabische, Chinese en Europese luiten zich verenigen in ‘…an excellent roots salad’ (Rough Guide to World Music).
In het jazztrio Sheng verenigt de luit zich met mondharmonica en percussie en Millenarium experimenteert ook graag met bijvoorbeeld jazzsaxofonist Steve Houben. Hij speelde ook in Karel, Man en Paard met de betreurde Dirk Van Esbroeck; de compositie Loss van Petra Vermote met o.a. Samir Joubran en Osama Abdulrasol.
Wat cd-opnamen betreft, komt Philippe Malfeyt nu dicht in de buurt van honderd.
Piet Stryckers
Piet Stryckers (viola da gamba, cello, piano, hakkebord) studeerde musicologie, viola da gamba en compositieleer en is nu lesgever harmonie en muziekanalyse aan het Koninklijk Conservatorium van Antwerpen. Als gambist is hij actief bij verscheidene ensembles oude muziek zoals The Consort of Musicke, Currende, Ricercar Consort, Huelgas Ensemble, Le Salon de Madame Victoire en het Corbetta Ensemble.
Daarnaast is hij echter evengoed te horen op straatmuziekfestivals en heeft hij ook al muziek geleverd voor de Internationale Nieuwe Scène. Samen met violisten An Van Laethem en Johan Van Aken vormt hij De Meijt op Solder, een trio dat het 17de en 18de euwse repertoire voor twee violen en een bas doet herleven.
Artikels van zijn hand zijn geregeld te lezen in muziektijdschriften en hij heeft een groot aantal koorbewerkingen en originele composities op zijn naam staan.
Paul Van Loey
Paul Van Loey (blokfluiten, schalmei, dulciaan en ook fluitjes- van-een-cent) behaalde de Hogere Diploma's voor blokfluit en kamermuziek alsook de meestergraad aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel. Hij specialiseert zich in de historische uitvoeringspraktijk van renaissance-en barokmuziek, maar speelt ook hedendaagse muziek als lid van het blokfluitkwartet Vier op 'n Rij, in het buitenland beter bekend als Flanders Recorder Quartet.
Met dit kwartet (Eerste Prijs Musica Antiqua Brugge, 1990) toert hij geregeld de wereld rond met concerten en workshops in Europa, de Verenigde Staten, Japan, Zuid-Amerika en Zuid-Afrika. Hun cd's zijn alomgeprezen en verschenen op verscheidene labels, zoals Aeolus, Opus 111 en Deutsche Grammophon.
Paul Van Loey speelt geregeld met diverse ensembles en orkesten, waaronder Musica Antiqua Köln, La Petite Bande, Collegium Vocale, Les Musiciens du Louvre, Il Fondamento, etc...
PAUL RANS (chant et luth) a enregistré plusieurs disques avec le groupe RUM durant les années 1970-78, suivi d'un disque en duo avec Lieven Misschaert avec des chansons populaires du 16ième siècle. Il a collaboré avec plusieurs projets de la Radio en Flandre (BRTN / VRT), comme Islandsuite (chansons des pêcheurs flamands en Islande, avec Wannes Van de Velde, Dirk Van Esbroeck et d'autres grands du folk flamand), Vive le Geus (chansons des gueux, avec Wannes Van de Velde) ou De Liedboeken (sélections des collections de chants flamands de J.F. Willems, Edmond de Coussemaker et d'autres).
Chantant d'une voix expressive au timbre plutôt unique, il a enregistré Blame not my Lute, un disque solo avec des chansons du 16ième siècle en néerlandais, français et anglais, suivi de quatre disques avec son ensemble RANS: Chants anciens flamands de Noël, le Mansucrit de Gruuthuse, le Chansonnier d’Anvers et De la Seine à l’Escaut avec Claude Flagel en tant que ‘Rans & Flagel’. Ce dernier cd fut fort apprécié par ‘Le Monde de la Musique’ qui l’accorda un CHOC! Paul Rans chante aussi occasionnellement avec la Camerata Trajectina aux Pays-Bas ou participe dans des projets divers, comme par exemple la réunion de RUM en 2005 en collaboratiopn avec Laïs.
Pour la Noël 2008 les quatre musiciens de Rans ont collaboré avec les fameux chanteurs anglais Coope, Boyes & Simpson, renforcés par Fi Fraser, Jo Freya et Georgina Boyes.
Et pour 2009 il ya le nouveau cd’s de Rans & Flagel: Trois tableaux de guerre / Drie oorlogstaferelen / Three Scenes of War – des chansons sur les guerres en Flandre et le nord de la France du 16ème siècle à la première guerre mondiale (Fréa Records, MWCD 4061).
CLAUDE FLAGEL (chant, vielle à roue) est né à Paris, mais vit depuis longtemps à Bruxelles. Associant vielle et chant, il renoue avec une tradition très ancienne. Á côté des chansons de tradition orale recueillies auprès des chanteurs paysans, ses recherches en bibliothèque ont enrichi son répertoire de nombreuses pièces anciennes. Son travail sur le style baroque français le mène à créer l’Ensemble Faux-Bourdon avec Bernard Foccroulle et Philippe Pierlot.
Concerts avec
l'Ensemble Faux-bourdon, le Kuyken Consort, Musique Ensemble, La Grande Écurie et la Chambre du Roy, Ris et Danceries, Ensemble Musique Nouvelle, Stradivaria et des groupes occasionnels créés pour des projets définis (festivals, tournées). Il participe à de nombreuses émissions radio et télévision (BRT, RTB, Radio France, WDRŠ) comme musicien ou comme producteur et enseigne au Conservatoire National de musique de Châteauroux jusqu'en 1989 en assurant la coordination du département de "musiques traditionnelles" créé à son initiative en 1983.
Il a aussi rédigé, pour différentes éditions scientifiques, des articles spécialisés et un autre axe de travail est la création de fonti musicali, une maison d'édition discographique couvrant deux territoires : la recherche en danse et les musiques traditionnelles (surtout africaines, avec par exemple Mamady Keita). Sa discographie inclut des enregistrements pour Le Chant du Monde, Pluriel, Claves, Unidisc, Alpha, Philips, Ricercar, Adès et fonti musicali.
OLLE GERIS (chant, cornemuses) est issue d'une famille pratiquant la musique traditionnelle revivaliste, elle est donc "tombée dedans" dès son plus jeune âge. Elle se passionne pour les cornemuses non seulement sur le plan du jeu, mais aussi de la facture.
Elle suit les cours donnés à l'Académie de Musique de Bruxelles par
Jean-Pierre Van Hees, et se perfectionne lors de stages et de rencontres avec d'autres cornemuseux. Sur le plan de la facture instrumentale, elle est l'apprentie puis l'associée de
Rémy Dubois et aujourd’hui elle a son atelier à elle à Theux. La bourse de la vocation sélectionne son projet d'étude sur les cornemuses en Belgique et leurs liens avec des modèles français.
Elle joue avec des petits groupes formés pour des circonstances diverses, et entre autres avec Claude Flagel. A enregistré pour le Catalogue des instruments Renaissance de Ricercar et aussi comme chanteuse impressionante pour la série de disques ‘Musiques traditionnelles de Flandre’ (co-production Klara/Eufoda).
AN VAN LAETHEM (vièle, violon baroque, chant) a étudié à l’Institut Lermmens à Louvain et aux conservatoires La Haye et de Bruxelles, mais aime autant jouer la musique ancienne que du folk traditionnel ou moderne.
Elle joue la vièle médiévale et le violon dans l’ ensemble
Huelgas de Paul Van Nevel et se produit régulièrement avec Z
efiro Torna, Oltremontano ou
La petite Bande.. Mais on peut également l’écouter avec le
Brabants Volksorkest de Hubert Boone, le quatuor de Jean-Pierre Van Hees, l’ensemble vocal Heisa ou encore chez Rans.
Avec Piet Stryckers et Johan van Aken elle forme le trio De Meijt op Solder qui propose un répertoire traditionnel pour deux violons et une basse.
PHILIPPE MALFEYT (luth, théorbe, tympanon, colascione, guitares baroques et modernes, cistre) est pour la plus grande partie autodidacte, mais il a obtenu le diplôme de luth au Royal College of Music à Londres. Il donne cours au Conservatoires Royals de Bruxelles et de Gand et à l’Institut Lemmens à Louvain.
Il dirige l'ensemble
Romanesque et joue dans plusieurs groupes de musique ancienne, comme
La Pastorella, I Justiniani, La Accia, Il Fondamento et le
Ricercar Consort.
Son fond classique ne l'empêche nullement de s'intéresser à toutes formes de musique et c'est peut-être son amour du jazz qui l'a mené à être un maître-improvisateur au luth et au tympanon, aussi bien dans la musique ancienne que les musiques du monde.
Avec Abid El Bahri et Xia Hua il forme le trio
Luthomania (luths arabes, chinois et européens) dont le disque Périples (Papyros MWCD 5008) a été reçu très chaleureusement par la presse internationale. Avec le trio de jazz
Sheng son luth se joint à l’harmonica et la percussion et dans l’ensemble Millenarium la musique médiévale se joint souvent au saxophone de jazz de Steve Houben.
En tout son nom se retrouve sur une centaine de cd’s.
PIET STRYCKERS (vièle, viole de gambe, vièle à roue, tympanon) a fait des études de musicologie, de viole de gambe et de composition. Il donne cours d'harmonie et d'analyse musicale au Conservatoire Royal d'Anvers. Il a joué dans de nombreux ensembles de musique ancienne, comme T
he Consort of Musicke, Currende, Ricercar Consort, Huelgas Ensemble, Le Salon de Madame Victoire et bien d'autres. Avec An Van Laethem et Johan van Aken il forme le trio De Meijt op Solder qui propose un répertoire traditionnel pour deux violons et une basse.
Bien que ses activités dans ces ensembles réputés soient très importantes pour lui, il adore également faire de la musique pour le théâtre, se joindre à des groupes folk ou bien encore à des musiciens ambulants dans les rues.
Il écrit régulièrement pour divers magazines de musique et est l’auteur de nombreux arrangements et de compositions originales pour chorales.
PAUL VAN LOEY (flûtes à bec, douçaine, flûteaux) est membre du
Flanders Recorder Quartet, un quatuor de flûtes-à-bec qui se produit aujourd'hui dans le monde entier et qui a enregistré de nombreux disques pour, entre autres, Opus 111, Aeolus et Deutsche Gramophon.
Paul Van Loey se produit également en soliste avec d’autres ensembles comme, par exemple,
Musica Antiqua de Cologne, la Petite Bande, Collegium Vocale, Il Fondamento ou
Les Musiciens du Louvre.
Un vrai virtuose de la flûte à bec et de la douçaine, il se sent tout aussi bien à l'aise dans la musique contemporaine 'sérieuse' que dans les danses vivaces médiévales et encore les traditions populaires flamandes.